De stem van de Nederlandse maakindustrie in waterstof

Waarom lid worden

BELEID · aug 2026

Duitse waterstofplicht zet kleine producenten in de schijnwerpers

Duitsland verplicht brandstofleveranciers sinds mei 2026 om een vast aandeel groene waterstof te leveren: 0,1 procent dit jaar, oplopend naar 10 procent in 2040. Wie in gebreke blijft betaalt 120 euro per gigajoule, omgerekend zo'n 14 tot 15 euro per kilo.

De order die twee jaar geleden een voetnoot was

Negentig ton waterstof. Dat is de omvang van een contract dat Lhyfe vorig najaar tekende met een Duitse tankstationexploitant. Vijftien maanden leveren, genoeg voor enkele tientallen bussen. Twee jaar geleden was zo'n order een voetnoot. Nu is het precies waar de Duitse brandstofhandel naar op zoek is.

Sinds mei staat het in de Duitse wet. Brandstofleveranciers moeten een vast aandeel hernieuwbare waterstof leveren: 0,1 procent in 2026, ongeveer 1,2 procent in 2030, 5 procent in 2035 en 10 procent in 2040. Op elk ijkpunt gaat Duitsland boven het Europese minimum uit. Wie niet levert betaalt 120 euro per gigajoule, omgerekend zo'n 14 tot 15 euro per kilo. Gecertificeerde waterstof inkopen ligt daar ruim onder. Voor aanvoer per schip vanuit Scandinavië naar de Duitse Noordzeeterminals wordt gerekend op ongeveer 7 euro per kilo. De rekensom maakt zichzelf.

De vraag zoekt de kleine producent op

Die 0,1 procent klinkt bescheiden. Het probleem is dat er nauwelijks gecertificeerd aanbod tegenover staat. Daardoor gebeurt er iets wat je in een opkomende markt zelden ziet: de vraag zoekt de kleine producent op. Wie vandaag een paar honderd ton per jaar maakt met de juiste certificering op zak, is opeens een serieuze gesprekspartner voor partijen die normaal in miljoenen tonnen denken.

Kijk naar wat Tyczka in augustus 2026 kocht van ABO Energy in Hünfeld, Hessen. Een elektrolyser van 5 MW die sinds vorig jaar draait, 400 tot 600 ton per jaar, een trailervulstation en een tankstation op 350 bar, gevoed door één windturbine van 4,8 MW. Geen gigaproject. Een installatie die in een paar hallen past.

Wat dit betekent voor de Nederlandse maakindustrie

En dat is precies de schaal waar de Nederlandse maakindustrie goed in is. Compressie, buffering, trailervulling, afleverinstallaties op 350 en 700 bar, meet en regeltechniek, leidingwerk, veiligheidssystemen, keuring, onderhoud. Een importterminal wordt gebouwd door een handvol partijen. Zo'n decentrale hub wordt gebouwd door tientallen bedrijven die elk een onderdeel leveren, en het onderhoud blijft daarna in de buurt.

Duitsland verwacht richting 2030 zo'n 250.000 ton vraag per jaar, waarvan ongeveer 100.000 ton uit import. Nederland ligt ertussen, met havens, netwerk en een toeleverketen die al staat. Er is dus werk aan twee kanten: onze producenten kunnen leveren, en onze toeleveranciers bouwen de installaties, aan beide zijden van de grens.

De vraag is alleen wie de order schrijft. Duitse leveranciers hebben nu een wettelijke reden om te tekenen. Wij hebben de bedrijven om te bouwen.

Onderbouwing

Kerncijfers Duitse RFNBO-verplichting in transport
Punt Waarde Bron
Wet Gesetz zur Weiterentwicklung der Treibhausgasminderungs-Quote, Duitse invulling RED III gasworld, Hydrogenious
Parlementaire behandeling Bondsdag 23 april 2026, Bondsraad 8 mei 2026 gasworld
RFNBO-subdoel 0,1% (2026), ca. 1,2% (2030), 5% (2035), 10% (2040) Hydrogenious, ENCOSE
Europees minimum ten minste 1% RFNBO in transport in 2030 RED III
Boete 120 euro per GJ, ca. 14 tot 15 euro per kg H2 § 37c BImSchG
Leveringskosten Scandinavische aanvoerroutes ca. 7 euro per kg geleverd, schatting voor gecomprimeerde waterstof per schip naar Duitse Noordzeeterminals, afhankelijk van stroomprijs en vaarafstand Provaris via Hydrogen Central, Discovery Alert
Verwachte vraag ca. 250.000 ton per jaar in 2030, ca. 1,6 miljoen ton in 2040 ENCOSE
Verwachte import ca. 100.000 ton per jaar in 2030 ENCOSE
Dubbeltelling geavanceerde biobrandstoffen vervallen per 1 januari 2026 Hydrogenious
Broeikasgasreductie-eis oplopend naar 59% in 2040 ENCOSE
Lhyfe offtake ca. 90 ton RFNBO over 15 maanden vanuit Schwäbisch Gmünd, enkele tientallen bussen Lhyfe persbericht 6 november 2025
Lhyfe en H2 MOBILITY vijfjarige overeenkomst, vier tankstations Lhyfe
Tyczka en ABO Energy Hünfeld-Michelsrombach, 5 MW PEM sinds 2025 in bedrijf, 400 tot 600 ton per jaar, trailervulstation en tankstation 350 bar, 4,8 MW windturbine, 12 miljoen euro BMDV plus NextGenerationEU Renewable Watch, Fuel Cells Works, augustus 2026
Tyczka Schweinfurt tankstation haven in gebruik mei 2026, tot 1.000 kg per dag op 350 en 700 bar, 5 miljoen euro Beierse steun Fuel Cells Works

Veelgestelde vragen

Wat is een RFNBO precies?

Renewable Fuel of Non-Biological Origin. In de praktijk waterstof en waterstofderivaten gemaakt met hernieuwbare stroom, volgens de Europese regels voor additionaliteit, tijdscorrelatie en geografische correlatie. Biobrandstoffen tellen niet mee voor dit subdoel.

Waarom zou een leverancier 14 euro per kilo willen betalen?

Dat wil hij niet, en dat hoeft ook niet. De boete is het bedrag dat hij kwijt is als hij niet levert. Zolang inkopen goedkoper is dan de boete, koopt hij in. Die 120 euro per gigajoule zet dus geen prijs, maar wel een bovengrens aan wat de markt bereid is te betalen. En die grens ligt ruim boven de huidige leveringskosten.

Krijg je een boete op grijze waterstof?

Nee. De boete staat op het niet halen van het quotum, niet op het verkopen van grijze waterstof. Alleen RFNBO-gecertificeerde volumes tellen mee voor het subdoel. Biobrandstoffen, losse groenestroomcertificaten en financiële compensatie kwalificeren niet. Grijze waterstof levert dus simpelweg niets op onder deze verplichting. Daarnaast draagt grijze waterstof onder de bredere THG-Quote juist een kostenpost mee, in één analyse geraamd op ongeveer 4,50 euro per kilo, omdat de emissies ervan gewoon meetellen in de ketenberekening van de leverancier.

Waar komt die 7 euro per kilo vandaan?

Uit een schatting van scheepvaartaanbieder Provaris voor gecomprimeerde waterstof vanuit Scandinavische havens naar Duitse Noordzeeterminals. Het is een geleverde prijs voor RFNBO-gecertificeerde waterstof, geen marktnotering, en hij hangt op stroomprijs en vaarafstand. Behandel het als een orde van grootte. Het punt van de vergelijking blijft staan: de boete ligt er een factor twee boven, en dat bepaalt hoe ver een leverancier wil gaan.

Is 0,1 procent niet verwaarloosbaar?

Als percentage wel. In tonnen niet, en vooral niet ten opzichte van het beschikbare gecertificeerde aanbod. Juist die krapte maakt kleine volumes nu waardevol.

Wat heeft de Nederlandse maakindustrie hieraan als de vraag in Duitsland ligt?

Twee dingen. Nederlandse producenten kunnen leveren, want de Duitse verplichting rekent op zo'n 100.000 ton import per jaar in 2030. En Nederlandse toeleveranciers bouwen de installaties, ook die aan Duitse zijde. Compressie, opslag, afleverinstallaties en onderhoud kennen geen grens.

Betekent dit dat grote projecten er niet toe doen?

Nee. De grote ketens leggen de basis onder het volume. Het punt is dat de markt zich nu ook aan de onderkant opent, en dat is de schaal waarop het MKB direct kan meedoen.

Bronnen